Unizo en Deminor lanceren nieuwe “code voor goed bestuur” op maat van kleinere spelers


16 Dec
16Dec

De code-Buysse, of de Code Corporate Governance, is voor het eerst in 2005 uitgebracht. Zakenman Paul Buysse zette samen met Unizo z’n schouders onder een reeks richtlijnen en aanbevelingen voor niet-beursgenoteerde ondernemingen. De derde, en dus meest recente, versie van de code dateert van 2017 en was in samenwerking met het Instituut voor het Familiebedrijf van Jozef Lievens. 

Op maat van kmo’s 

Volgens Van Assche was die derde editie niet meer voldoende op maat van de doelgroep van Unizo. “De code-Buysse III haalde haar inspiratie en aanbevelingen bij bedrijven die werken met een raad van bestuur met externen en met diverse comités”, haalt hij aan in een artikel in Trends. Met andere woorden: ondernemingen die in omvang bijna even groot zijn als beursgenoteerde bedrijven. Aangezien Unizo zich niet alleen richt tot grote bedrijven, maar evengoed de kleine of nog groeiende ondernemingen bijstaat, was het dus duidelijk voor de organisatie dat ze een code moesten uitschrijven gericht op hun eigen doelgroep. Maar dat was niet de enige reden om een nieuwe ‘handleiding’ op te stellen. “Er was ook behoefte aan omdat de aanbevelingen aangepast moeten worden aan de nieuwe vennootschapswet”, zegt Bernard Thuysbaert van Deminor in datzelfde artikel in Trends. De nieuwe wetsbepalingen en juiste terminologie zijn in de code van Unizo en Deminor dus verwerkt. Zo is er bij vennootschappen bijvoorbeeld geen sprake meer van bvba’s en cbva’s maar gewoon van bv’s (besloten vennootschappen). 

Van takenverdeling tot opvolgingsregeling 

Voor alle duidelijkheid: de code is geen wettekst, en bevat dus geen dwingende bepalingen. Het is een lijst met aanbevelingen die bedrijven kunnen volgen om beter te presteren. Die aanbevelingen gaan bijvoorbeeld over goed risicobeheer, en “duidelijke definities van de taken van de verschillende directieleden”, zo staat in Trends. In deze code wordt ook aandacht gegeven aan de opvolging binnen ondernemingen. Veel kleine zaken zijn sterk afhankelijk van de bedrijfsleider, die vaak ook de eigenaar is, schrijft het magazine. Wanneer die persoon wegvalt en de opvolging niet of amper is geregeld, dan kan dat het voortbestaan van de onderneming in gevaar brengen. “Het getuigt van goed bestuur en verantwoord ondernemerschap om tijdig te beginnen werken aan een adequate opvolgingsregeling”, zegt Thuysbaert tegen Trends-journalist Alain Mouton. 

Een extern klankbord 

In de nieuwe code over goed bestuur ligt ook nadruk op de behoefte aan een “extern klankbord”. "Elke onderneming en zelfstandige ondernemer heeft nood aan een extern klankbord en ervaringsgericht advies bij het nemen van belangrijke beslissingen, het detecteren van opportuniteiten en het bepalen van de strategie. Bedrijfsleiders kunnen zich eenzaam voelen aan de top en onzeker of onervaren zijn op het vlak van cruciale aspecten van hun onderneming. De oprichting van een adviesraad kan bedrijfsleiders hierin ondersteunen. De raad van advies moet regelmatig worden bijeengeroepen om de continuïteit ervan alsook de betrokkenheid van de adviseurs te garanderen”, zo staat er in de code. De code beveelt dan ook aan dat de raad zeker vier keer per jaar samenkomt en voor minstens twee jaar wordt aangesteld. Zelfstandige ondernemers die niet weten hoe ze een adviesraad best in elkaar steken, kunnen bij Unizo terecht. Met een database van zo’n duizend kandidaten die ervaring hebben in een adviesraden, helpt de organisatie ondernemingen op weg. Goed bestuur of corporate governance is trouwens niet enkel een kwestie voor vennootschappen. “Kmo's die een tijdlang niet konden draaien door de coronacrisis, rekenen het best op het advies van externen om zich door de moeilijke periode te worstelen, om bijvoorbeeld de juiste vragen te stellen aan de bank”, klinkt het in Trends. Ook voor eenmanszaken is de nieuwe code voor goed bestuur dus zeker nuttig.

Auteur: Ines Van Impe

Comments
* De e-mail zal niet worden gepubliceerd op de website.